Datum:07-10-2011 ID:faq000182_000




Titel:

Ik krijg een foutmelding wanneer ik netwerkfuncties wil gebruiken. (Voor Windows®)

Omschrijving:

Mogelijk krijgt u een foutmelding of wordt het Brother-apparaat niet gevonden in het netwerk (welke foutmelding dit precies is verschilt per Brother-apparaat of besturingssysteem).



Volg de onderstaande aanwijzingen om dit probleem op te lossen.


  1. Controleer of de LAN-kabel en het netsnoer van het Brother-apparaat zijn aangesloten. Als de stekker van het netsnoer in een overspanningsbeveiliging of voedingsschakelaar zit, moet u de stekker hieruit verwijderen en rechtstreeks in het stopcontact steken.

  2. Controleer de firewallinstellingen op uw computer.

    Als op uw computer een firewall actief is weigert die misschien de vereiste netwerkverbinding. Schakel de firewall op uw computer uit en probeer de drivers opnieuw te installeren.


    > Voor meer informatie over het uitschakelen van de firewall raadpleegt u Firewallinstellingen wijzigen (voor Windows®).

  1. Controleer of de netwerkfuncties het nu wel doen. Als het nu wel lukt, weigert de firewall de vereiste netwerkverbinding. In dit geval raadt Brother u aan om de firewall op uw computer uit te schakelen tijdens het gebruik van de netwerkfuncties. U kunt de firewall ook ingeschakeld laten en de instellingen aanpassen.


    > Voor meer informatie over de firewall raadpleegt u Firewallinstellingen wijzigen (voor Windows®).


    U kunt voor uw Brother-apparaat ook een statisch IP-adres instellen aan de hand van de onderstaande aanwijzingen. Dit is een andere mogelijkheid om het probleem op te lossen terwijl de firewall ingeschakeld blijft.




Voor gebruikers van Windows® 95/98/98SE/Me/NT:

  1. Klik op Start => Instellingen => Printers.
  2. Klik met de rechtermuisknop op het printerpictogram van uw apparaat en selecteer Eigenschappen.
  3. Klik op het tabblad Details en klik vervolgens op Poortinstellingen.

  1. Zorg ervoor dat het selectievakje naast Resolve IP Address by Node Name is uitgeschakeld. Als het is ingeschakeld, klikt u erop om het uit te schakelen. Typ vervolgens het IP-adres onder IP Address.

  1. Klik op OK.
Voor gebruikers van Windows® 2000/XP:
  1. Klik op Start => Instellingen => Configuratiescherm.
  2. Ga naar Printers of Printers en faxapparaten en dubbelklik erop.
  3. Klik met de rechtermuisknop op het printerpictogram van uw apparaat en selecteer Eigenschappen
  4. Klik op het tabblad Poorten en klik vervolgens op Poort configureren.




  5. Voer het statische IP-adres van het apparaat in bij Printernaam of IP-adres en klik op OK.

 


 

Voor gebruikers van Windows Vista®:

  1. Klik op Start => Configuratiescherm => Hardware en geluiden => Printers.
  2. Klik met de rechtermuisknop op het printerpictogram van uw apparaat en selecteer Als administrator uitvoeren => Eigenschappen.

    Opmerking:
    Wanneer het gebruikersaccountscherm verschijnt, doe dan het volgende.
    • Voor gebruikers met administrator rechten: Klik op doorgaan.
    • Voor gebruikers die geen administrator rechten hebben: Voer het administrator wachtwoord in en klik op OK.
  3. Klik op het tabblad Poorten en klik vervolgens op Poort configureren.



  4. Voer het statische IP-adres van het apparaat in bij Printernaam of IP-adres en klik op OK.




 

Voor gebruikers van Windows® 7:

  1. Klik op start  => Configuratiescherm => Hardware en geluiden en selecteer Apparaten en Printers.
  2. Klik rechts op het printericoon en selecteer Eigenschappen van printer.
  3. Klik op het tabblad Poorten en klik op Poort Configureren.

    Opmerking:
    Als u niet op Poort Configureren kan klikken klik dan op het tabblad Algemeen en vervolgens Eigenschappen wijzigen links onderaan in het venster. Wanneer het scherm gebruikersaccountbeheer verschijnt, type het administrator gebruikersnaam en wachtwoord in en klik op Ja.

  4. Voer het statische IP adres in van uw machine bij Printernaam of IP Adres en klik op OK.

    Opmerking

    Als u met een DHCP-server bent verbonden, kunt u het IP-adres niet gebruiken voor andere apparaten in het netwerk. Neem voor de juiste configuratie contact op met de netwerkbeheerder.


     

    Controleer of de netwerkfuncties het nu wel doen. Als het probleem blijft bestaan, kan er een andere oorzaak zijn. Raadpleeg in dit geval de "Veelgestelde vragen & probleemoplossingen" voor meer informatie.